Snel druk ik op de stopknop van mijn elektrische tandenborstel en zet de radio harder. Het is een oldskool apparaat, met cassette- en cd-speler en oldskool aan/uit- en volumeknoppen. Met de vingers te bedienen dus. Daar komt geen afstandbediening of stem aan te pas. Relikwie uit vervlogen tijden en het enige van zijn soort dat nog in huis is. En wel op de badkamer.

Ik luister zelden meer naar de radio. Of het is stil, óf er klinkt een licht verteerbare Spotify-afspeellijst op de bluetooth box of koptelefoon. Heb het niet meer zo op druk gezang of al dat gekwebbel tussen muziek door. Maar in de badkamer móet de radio aan. Omroep Gelderland. De zender vond ik op de dag na mijn verhuizing van de Randstad naar de Achterhoek. Arbeidsvitaminen tussen de verhuisdozen. Ik stelde de zender in als voorkeur en daar is in mijn tien Zutphense jaren niets aan veranderd.

Ach, een mens kan maar een gewoonte hebben: badkamer binnenlopen en direct de vinger op de aanknop. Of ik nou vijf minuten of een halfuur op de badkamer moet zijn: áán! Het blijft me verbazen dat ik juist op die plek het geneuzel, de aankondiging van regionale evenementen of een interview met de jongste midwinterhoornblazer van Gelderland zonder weerstand kan verdragen. Heel apart. Misschien is het wel een soort guilty pleasure: in de beslotenheid van de betegelde muren beleef ik kortstondig helemaal privé mijn momentje regionale kneuterigheid. Ik weet het niet.

Wat ik wél weet: het geneuzel, de aankondigingen en interviews worden afgewisseld met muziek die precies past bij de leeftijd van het oldskool apparaat. En de meest ‘guilty’ste’ pleasure zit hem voor mij in de liedjes waarvoor ik dus mijn tandenborstel uitzet.

Ze nemen me mee terug naar de tijd waarin ik de dagen aftelde totdat ik eindelijk weer ‘het gedrukte exemplaar’ van de Top 40 in de platenwinkel kon gaan halen. We schrijven begin jaren zeventig. Op de middelbare school hoorde ik bij de pop- en soulmeisjes. Ik prikte de eerste idoolposters aan mijn meisjeskamermuur. De állereerste was van Gilbert O’Sullivan. Sjonge, wat was ik verliefd op die onzekere gekkerd in zijn crisispak. Vandaag zorgt Omroep Gelderland tijdens het tandenpoetsen voor een flits terug in de tijd naar hem. Herinnert u zich deze nog?!

Ik vind het zo intrigerend dat een mensenbrein dat doet: complete teksten van je favoriete tienermuziek bewaren en probleemloos weer oplepelen, woord voor woord. Vandaag is alleen maar die ene, magische startbastoon genoeg om de oplepeling in gang te zetten. Dan volgt de eerste aanslag op de piano en, páts, alle woorden zitten vooraan in het reproductielaatje. Tandenborstel wordt uitgezet, restje tandpastaschuim in de wastafel gespuugd en daar zing ik als vroeger mee: If I give up the seat I’ve been saving, to some elderly lady or man… Echt woord voor woord, tot het einde. En inclusief de nooit verbeterde fonetische uitspraak van woorden waar ik toen nog geen sjoege van had.

Wonderlijk, wonderlijk, dat machtig mooie brein van ons. Tegenwoordig kan ik me, vaker dan me lief is, een dag nadat ik een boek heb dichtgeslagen, niet eens meer de naam van het hoofdpersonage herinneren. Of de titel niet meer reproduceren van de film die ik een week ervoor zag. Maar deze tienerliedjeswoorden rollen er na vijftig jaar zonder haperen uit! Ik geniet regelmatig van deze pleasure, vooral als het over Gilbert gaat. En van het vertederende draadje dat moeiteloos verbinding maakt met een periode waarin mijn grootste zorg kennelijk was dat ik op tijd in de platenwinkel stond om die papieren Top 40 te pakken te krijgen.